Hier maak je een sudoku voor kinderen om te printen, in drie maten: 4 × 4 met blokken van twee bij twee, 6 × 6 met blokken van twee bij drie, en de gewone 9 × 9. In elke rij, elke kolom en elk blok komt elk symbool één keer voor.
Je kiest waarmee de vakjes gevuld worden: vormen, letters of cijfers. Met vormen is een sudoku pure logica, want een kind dat nog niet leest of telt kan hem net zo goed oplossen. Bij 9 × 9 worden het cijfers, omdat er geen negen vormen zijn die een kind goed uit elkaar houdt.
De moeilijkheid zit in het aantal vakjes dat al ingevuld staat: hoe minder gegeven symbolen, hoe meer het kind zelf moet redeneren.
De 4 × 4 met vormen kan al in groep 1 en 2: vier plaatjes, vier rijen, en één stap redeneren per vakje. De 6 × 6 past bij groep 3 tot en met 5, met vormen of letters. De 9 × 9 met cijfers is voor groep 6 tot en met 8.
Er passen vier kleine puzzels van 4 × 4 op één blad, twee van 6 × 6, en een 9 × 9 krijgt een eigen blad. Zo print je in één keer werk voor een hele les of voor de kinderen die klaar zijn.
Op het antwoordblad staat elke puzzel opgelost, waarbij de vakjes die het kind zelf moest invullen er anders uitzien dan de gegeven symbolen. Zo kijk je niet alleen na of het klopt, maar zie je ook wat het kind echt gedaan heeft.
Met een 4 × 4 en vormen kan het vanaf ongeveer vijf jaar, dus in groep 1 en 2. Het kind hoeft niet te kunnen lezen of tellen: het gaat om zien welk plaatje in een rij nog ontbreekt.
De 6 × 6, met vormen of letters. De 4 × 4 is voor de meeste kinderen in groep 3 snel klaar, en de 9 × 9 duurt op die leeftijd te lang.
Er zijn zes vormen die een kind goed uit elkaar houdt, en voor een 9 × 9 heb je er negen nodig. Bij 9 × 9 worden het daarom cijfers; je keuze blijft bewaard als je terugschakelt naar een kleinere maat.
Ja. Elke puzzel wordt zo gemaakt dat er precies één oplossing mogelijk is, dus er is nooit een moment waarop het kind moet gokken.