Cijferend rekenen: sommen onder elkaar

Op dit blad staan sommen onder elkaar, op ruitjespapier, zoals in het schrift. Het kind rekent van rechts naar links, cijfer voor cijfer, en schrijft het antwoord onder de streep. Je kiest optellen, aftrekken of vermenigvuldigen, en hoeveel cijfers v贸贸r de komma de getallen hebben. Je kiest ook of er cijfers achter de komma staan.

Kolomsgewijs rekenen is een andere manier van rekenen: daar splits je 357 in 300, 50 en 7. Dat staat niet op dit blad. Een staartdeling staat er ook niet op.

Meer werkbladen voor groep 5, groep 6, groep 7 en groep 8.

Wat er op het blad staat

Elke som staat in ruitjes van een centimeter. Het bovenste getal, het onderste getal en het teken staan er al. Bij optellen is de regel voor het onthoudcijfer leeg. Bij aftrekken is de regel voor het lenen leeg. Onder de streep is ruimte voor het antwoord, en bij keersommen voor de tussenregels. Op het antwoordblad is dezelfde som helemaal ingevuld, ruitje voor ruitje, even groot als op het werkblad.

Onthouden en lenen

Bij optellen kies je met of zonder onthouden. Het onthoudcijfer komt klein boven de volgende kolom. Bij aftrekken kies je met of zonder lenen. Het cijfer waar je van leent streep je door, en het nieuwe cijfer komt er klein boven. Een 0 waar je doorheen leent wordt een 9. Voor het cijfer dat de tien krijgt, schrijf je een kleine 1.

Keersommen

Bij keersommen is er geen knop voor onthouden of lenen. Onder de streep komen tussenregels, 茅茅n per cijfer van het onderste getal. Bij elke volgende tussenregel schuif je 茅茅n plaats op en schrijf je eerst een 0.

Kommagetallen

De komma staat op de lijn tussen de ruitjes, bij elk getal op dezelfde plek. Achter de komma kun je 0, 1 of 2 cijfers zetten. Bij plus en min hebben beide getallen evenveel cijfers achter de komma. Een uitkomst onder 1 schrijf je als 0,5, met een nul v贸贸r de komma. Een nul achter de komma in het antwoord blijft staan: 2,5 + 1,5 = 4,0. Bij keer heeft het onderste getal geen komma. De komma van het bovenste getal komt terug in het antwoord.

Per groep

Groep 5 begint met optellen: drie cijfers plus drie cijfers, met onthouden. Groep 6 trekt af: vier cijfers min drie cijfers, met lenen. Groep 7 telt op: vier plus drie cijfers v贸贸r de komma, met onthouden en 茅茅n cijfer achter de komma. Groep 8 vermenigvuldigt: drie cijfers v贸贸r de komma keer twee cijfers, met 茅茅n cijfer achter de komma in het bovenste getal. Het aantal sommen en de titel blijven zoals je ze hebt gezet.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil met kolomsgewijs rekenen?

Kolomsgewijs is een andere manier: 357 + 248 wordt dan 300 + 200, 50 + 40 en 7 + 8. Op dit blad schrijf je de getallen onder elkaar en reken je cijfer voor cijfer, van rechts naar links. Kolomsgewijs staat hier niet op.

Kan ik ook een staartdeling maken?

Een staartdeling staat niet op dit blad. Je kunt wel optellen, aftrekken en vermenigvuldigen, ook met kommagetallen.

Waarom is het antwoord 4,0 en niet 4?

Een nul achter de komma in het antwoord blijft staan, zodat je die plaats terugziet. 2,5 + 1,5 is 4,0, niet 4. Een uitkomst onder 1 schrijf je met een nul v贸贸r de komma, zoals 0,5.

Zit er onthouden bij de keersommen?

Bij keersommen kies je niet met of zonder onthouden. Onthouden hoort bij optellen, lenen bij aftrekken. Onder de streep schrijf je een tussenregel per cijfer. Bij elke volgende tussenregel schuif je 茅茅n plaats op en schrijf je eerst een 0.

Alle werkbladen van Tessa's Werkbladen